Het aantal meldingen van schimmelplekken op en in wand- en plafondafwerkingen neemt toe. Het gaat vooral om gipskartonplaten, houten plaatmaterialen en houtskeletbouwconstructies die tijdens of na de bouw zijn blootgesteld aan te veel vocht. TBA heeft er daarom een nieuwe kennispaper over geschreven.
In de praktijk wordt schimmel vaak behandeld met een schimmeldodend middel, meestal op chloorbasis. Bij kleine, oppervlakkige aantasting kan dat voldoende zijn. Maar wanneer de schimmel zich achter de gipsplaat of in het materiaal heeft genesteld, wordt alleen het zichtbare probleem aangepakt. De oorzaak blijft dan bestaan.
De belangrijkste conclusie in de kennispaper van Technische Bureau Afbouw is helder: schimmel ontstaat alleen bij vocht. Bouwvocht, lekkages of condensatie, in combinatie met organisch materiaal en onvoldoende droging of ventilatie, vormen de basis voor schimmelgroei. Zonder het structureel oplossen van het vochtprobleem komt de schimmel terug.
Het TBA heeft daarom in hun kennispaper ‘Schimmelvorming in de droge afbouw’ uitgelegd welke schimmelsoorten in de droge afbouw kunnen voorkomen, welke gezondheidsrisico’s daarbij horen en waar de grens ligt tussen verantwoord reinigen en technisch noodzakelijk vervangen.
Voor afbouwbedrijven is vooral de beoordeling van belang. Is de schimmel beperkt en oppervlakkig, en is het onderliggende materiaal droog en intact? Dan kan reinigen met een geschikt middel een oplossing zijn. Zit de schimmel in gipsplaten, hout, isolatie of achter de afwerking? Dan is volledige verwijdering en vervanging van de aangetaste materialen de enige technisch juiste aanpak.
Bij zwarte schimmel, grotere oppervlakken of twijfel over de omvang van de aantasting is specialistische sanering noodzakelijk. Onjuist reinigen kan leiden tot verdere verspreiding van schimmelsporen. In komende uitgave van NOA Magazine gaan we dieper in op de oorzaken, risico’s en praktijkaanpak van schimmelvorming in de droge afbouw.
Download TBA-kennispaper 7, Schimmelvorming in de droge afbouw.