Met ingang van schooljaar 2026-2027 kunnen alle havoscholen in Nederland het praktijkgerichte examenvak Technologie en/of Maatschappij aanbieden. Leerlingen werken daarbij aan realistische opdrachten voor bedrijven en andere organisaties. Het kabinet ondersteunt deze onderwijsvernieuwing met een structurele investering van € 16 miljoen per jaar. Daarmee ontstaan voor afbouwbedrijven nieuwe mogelijkheden om jongeren al tijdens hun schooltijd kennis te laten maken met een beroep in de afbouw.
In de praktijkgerichte vakken werken havoleerlingen aan opdrachten uit de praktijk. Bedrijven kunnen hiervoor vraagstukken aandragen, of leerlingen laten kennismaken met het werk binnen hun onderneming. Zo ontdekken jongeren wat technische beroepen daadwerkelijk inhouden en welke vervolgopleidingen daarbij passen.
Voor de afbouwsectoren biedt dit kansen om jongeren te laten ervaren hoe veelzijdig het werk is. Denk aan opdrachten rondom duurzaam bouwen, afwerking van gebouwen, restauratie, digitalisering, maatwerk of nieuwe materialen.
Veel NOA-bedrijven ervaren hoe lastig het is om voldoende vakmensen te vinden. Door samen te werken met een havo in de regio kunnen ondernemers al in een vroeg stadium interesse wekken voor een loopbaan in de afbouw. Dat hoeft niet ingewikkeld te zijn. Je kunt bijvoorbeeld:
Hiermee krijgen leerlingen een realistisch beeld van de carrièremogelijkheden binnen de afbouw.
De praktijkgerichte vakken Technologie en Maatschappij zijn keuzevakken. Scholen bepalen zelf of zij het aanbieden en hoe zij het programma invullen. De samenwerking met bedrijven uit de regio vormt daarbij een belangrijk onderdeel. De overheid verwacht dat deze aanpak de aansluiting tussen onderwijs, hbo en arbeidsmarkt verder versterkt.
Informeer eens bij een havo in jouw regio of het praktijkgerichte vak Technologie wordt aangeboden. Door als bedrijf mee te werken aan praktijkopdrachten of gastlessen kun je jongeren laten kennismaken met de mogelijkheden binnen jouw bedrijf én investeren in de vakmensen van de toekomst.