Per 1 juli 2026 wordt in Nederland de vrachtwagenheffing ingevoerd. Ondernemers met vrachtwagens gaan dan betalen per gereden kilometer op snelwegen en een deel van de provinciale en gemeentelijke wegen.
Voor afbouwbedrijven met eigen transport, waaronder natuursteen- en vloerenbedrijven, heeft dit directe gevolgen voor kosten, planning en administratie. De belangrijkste wijziging is de overgang naar betalen naar gebruik:
De hoogte van de heffing hangt onder meer af van gewicht en uitstoot van de vrachtwagen. Schonere voertuigen betalen minder. De regeling geldt voor alle vrachtwagens boven de 3.500 kg (categorie N2 en N3). Bestelbussen onder 3.500 kg vallen buiten de heffing.
Ondernemers moeten zelf actie ondernemen. De belangrijkste stappen:
1. Registreer je voertuig(en)
Vanaf 1 april 2026 kun je je vrachtwagen registreren via een toldienstaanbieder. Daarvoor heb je nodig:
2. Regel een tolkastje (OBU)
Elke vrachtwagen moet voorzien zijn van een werkend kastje dat de gereden kilometers registreert. Zonder kastje riskeer je vanaf 1 juli een boete. Check de website van het RDW voor geregistreerde aanbieders van tolkastjes.
3. Breng je kosten in beeld
Analyseer het aantal kilometers op tolwegen, de inzet per project en het type en uitstoot van je wagenpark. Maak op basis daarvan een inschatting van de extra kosten.
4. Bepaal hoe je kosten doorberekent
De heffing kan direct doorwerken in je prijs. Controleer welke afspraken je hebt staan in langdurige contracten en pas waar nodig nieuwe offertes aan. Bespreek het tijdig met je klanten als je de hogere kosten wilt doorbelasten.
5. Kijk naar je wagenpark
De tarieven sturen op schoner vervoer. Overweeg:
Een deel van de opbrengst van de heffing komt beschikbaar als subsidie voor verduurzaming.