Steeds meer gemeenten stellen regels aan het parkeren van grote bedrijfswagens in woonwijken. Voor ondernemers in de afbouw kan dat gevolgen hebben, omdat moderne bedrijfsbussen vaak hoger zijn dan de toegestane maat.
De regels worden lokaal vastgesteld via de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) of via een gemeentelijk aanwijzingsbesluit. Daardoor verschillen de regels per gemeente. Een veelgebruikte grens is 2,4 meter hoogte. Let op dat er ook parkeerbeperkingen kunnen gelden voor verlengde bedrijfswagens.
In veel gemeenten wordt een voertuig als “groot voertuig” aangemerkt wanneer het:
Voertuigen boven deze maat mogen in woonwijken vaak niet langdurig parkeren. Gemeenten staan het parkeren soms alleen toe op werkdagen overdag of wijzen speciale parkeerlocaties aan voor grotere voertuigen.
Deze maatvoering is gebaseerd op de model-APV van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en komt daarom in veel gemeentelijke regels terug. Gemeenten voeren deze regels in om zichtbelemmering, verkeersveiligheidsrisico’s en parkeerdruk in woonstraten te beperken.
De gemeente Zaanstad past deze grens expliciet toe. Daar geldt:
Er bestaat geen centraal overzicht van hoeveel gemeenten dergelijke regels hanteren. Wel blijkt uit vergelijking van APV’s dat veel gemeenten vergelijkbare bepalingen hebben opgenomen, vaak gebaseerd op de modelregels van de VNG.
De toepassing verschilt echter. Sommige gemeenten verbieden het parkeren van grote voertuigen volledig in woonwijken, terwijl andere gemeenten werken met tijdsvensters of specifieke zones.
Voor veel afbouwbedrijven is de bedrijfsbus essentieel voor het werk. Tegelijkertijd zijn moderne bedrijfswagens vaak hoger dan 2,4 meter. Daardoor kan het voorkomen dat ondernemers of werknemers hun bedrijfswagen niet meer ’s avonds of ’s nachts bij huis mogen parkeren, alleen tijdelijk in de straat mogen neerzetten, of moeten uitwijken naar een aangewezen parkeerlocatie. Aanvullend risico is dat aangewezen parkeerlocaties een grote aantrekkingskracht hebben op dieven, die grote belangstelling hebben voor het professionele gereedschap in de bedrijfswagens.
Controleer daarom regelmatig de APV van de eigen gemeente of van de gemeente waar werknemers wonen, die een bus mee naar huis nemen. De regels kunnen per gemeente verschillen en worden regelmatig aangepast.