NOA Menu
woensdag 22 februari 2017

Wet kwaliteitsborging door de Tweede Kamer

De Tweede Kamer is akkoord met het wetsvoorstel van minister Plasterk (BZK) over kwaliteitsborging in de bouw. Volgens het wetsvoorstel krijgt iedere consument als opdrachtgever in de bouw een sterkere positie. Als de Eerste Kamer ook instemt met het wetsvoorstel dan moet vanaf 2018 de vergunninghouder verplicht zijn bouwplan door een private kwaliteitsborger laten toetsen aan het Bouwbesluit.

 Kwaliteitsborging bouwen

Waar in de huidige situatie de bouwer aansprakelijk is tot aan de oplevering, gaan we met dit wetsvoorstel over naar een nieuwe situatie waarin de bouwer ook na oplevering nog aansprakelijk blijft voor het geleverde resultaat. In het Burgerlijk Wetboek wordt hiervoor de aansprakelijkheid voor de bouwer aangepast en wordt de bewijslast omgedraaid. De Tweede Kamer heeft hier dinsdag met een ruime meerderheid van stemmen voor gestemd. Het betekent een omvangrijke stelselwijziging.

Bewijslast verschuift

In het huidige stelsel ligt de bewijslast na oplevering bij de gebouweigenaar. Die moet aantonen dat hij bij oplevering niet had kunnen zien dat iets niet goed was uitgevoerd of anders dan overeengekomen. In het nieuwe stelsel moet de bouwer aantonen dat hij het zodanig heeft gemaakt dat het voldoet aan de bouwvoorschriften en dat het overeenkomt met de gemaakte afspraken. Het doel van het wetsvoorstel kwaliteitsborging voor het bouwen is daarom tweeledig te noemen: het betekent een versterking van de positie van de (particuliere) opdrachtgever en beoogt ook de kwaliteit van bouwwerken te verbeteren. 

Lange discussie

Er wordt al bijna vijftien jaar over aanpassing van de bouwwetgeving gediscussieerd. In september 2016 gaf Minister Blok (destijds nog van Wonen en Rijksdienst) zelf nog uitleg tijdens het NOA-congres in Noordwijk. In de Kamer zag het er moeilijk uit voor de zogeheten Wet kwaliteitsborging voor het bouwen. Vooral de PvdA wilde een aantal dingen in het wetsvoorstel gewijzigd zien. Daarvoor werd steun gevonden, waardoor er nu een aantal zaken aan het voorstel zijn toegevoegd:  

Nieuw in het wetsvoorstel:

  • Aannemers krijgen de plicht om hun consumenten te informeren hoe zij verzekerd zijn voor risico’s bij faillissement en voor gebreken tijdens de bouw en na oplevering. Ook moeten zij bij oplevering een consumentendossier aan de opdrachtgever geven. 
  • Private partijen ontwikkelen methodes voor kwaliteitsbewaking om te zorgen dat aannemers zich houden aan de bouwtechnische eisen uit het Bouwbesluit.
  • Een onafhankelijke publieke toelatingsorganisatie oordeelt of een voorgestelde methode voor kwaliteitsbewaking voldoet aan de eisen.
  • De gemeente controleert bij de aanvraag voor een omgevingsvergunning of aan alle nieuwe wettelijke eisen is voldaan.
  • De wet wordt na drie jaar geëvalueerd. Als het moet, is er dan de mogelijkheid om de wet te repareren.

Wet eerst nog door Eerste Kamer

Het wetsvoorstel gaat nu door naar de Eerste Kamer. Het is de bedoeling dat het nieuwe stelsel vanaf 2018 stapsgewijs wordt ingevoerd. De toepassing van de nieuwe werkwijze geldt dan eerst voor de bouw van woningen en eenvoudige bouwwerken, zowel nieuwbouw als verbouw. Na evaluatie volgt vervolgens uitbreiding van de nieuwe werkwijze naar meer complexe bouwwerken. Bedoeling van de wet is de positie van de consument sterker te maken. Bouwers krijgen daarentegen bij vergunningplichtige bouwwerken een hogere aansprakelijkheid. Onderdeel daarvan is dat bouwers voor oplevering moeten bewijzen dat een woning aan het Bouwbesluit voldoet. Hoe dat moet gebeuren, is echter nog een grote vraag. Dit zal nog verder moeten worden uitgewerkt. NOA houdt de ontwikkelingen uiteraard in de gaten en zal leden berichten zodra er meer duidelijkheid is. 

Inloggen


Lid worden?

Personen actief in de Nederlandse afbouw krijgen veel voordelen als lid van NOA.


Lees de voordelen en word lid