NOA Menu

NOA Kenniscentrum

Wet flexibel werken door de Eerste Kamer

door: Webbeheer
| Personeel

Wet flexibel werken

De Eerste Kamer is akkoord gegaan met het wetsvoorstel Flexibel werken. De wet zorgt ervoor dat een werknemer bij zijn werkgever een verzoek kan doen om de werktijden of de locatie van de werkplek te veranderen. Op welke datum de wet in werking treedt, is nog onduidelijk. De ministerraad moet zich nog over de wet beraden. 

Het wetsvoorstel Flexibel werken vervangt de Wet aanpassing arbeidsduur (WAA). In de WAA is geregeld dat werknemers één keer in het jaar een verzoek kunnen indienen bij hun werkgever voor de aanpassing van hun arbeidsduur (bijvoorbeeld van een 32-urige werkweek naar een 36-urige werkweek). Onder de Wet flexibel werken blijft dit zo, maar de wet regelt ook dat werknemers zo’n verzoek kunnen indienen als zij hun werktijden willen wijzigen (bijvoorbeeld van 10.00 tot 14.00 uur in plaats van 08.00 tot 12.00 uur) of op een andere plek willen werken. Om dit verzoek in te kunnen dienen, moet de werknemer minstens een half jaar in dienst zijn.

Wet flexibel werken zal niet voor elke organisatie gelden

Omdat het gaat om een initiatiefwetsvoorstel moet de wet na goedkeuring door de Tweede en Eerste Kamer nog wel langs de ministerraad. Daarna zal duidelijk worden wanneer de maatregelen in werking treden. Houd er rekening mee dat de maatregelen uit het wetsvoorstel alleen zullen gelden voor organisaties die meer dan tien werknemers in dienst hebben. 

Wanneer flexibel werken weigeren

Waar moet u in de praktijk rekening mee gaan houden? Als het wetsvoorstel Flexibel werken in werking treedt, hebben werknemers het recht om een verzoek in te dienen voor de aanpassing van hun arbeidsduur, werktijden of werkplek. U kunt zo’n verzoek wel weigeren. Voor het afwijzen van een verzoek voor een aanpassing van de arbeidsduur of de werktijden, heeft u een zwaarwegend bedrijfsbelang nodig. In het wetsvoorstel Flexibel werken staat voor elk verzoek uitgelegd wanneer hier in ieder geval sprake van is. 

Verzoek voor flexibel werken afwijzen

Een verzoek van een werknemer die minder uren wil werken mag u afwijzen als dit leidt tot ernstige problemen:

  • voor de bedrijfsvoering; bijvoorbeeld als het erg lastig is om iemand te vinden die deze vrijgekomen uren kan overnemen. 
  • voor de veiligheid; 
  • van roostertechnische aard. 

Een verzoek van een werknemer die meer uren wil werken mag u afwijzen als dit leidt tot ernstige problemen:

  • van financiële of organisatorische aard; 
  • wegens het niet voorhanden zijn van voldoende werk; 
  • omdat de vastgestelde formatieruimte of personeelsbegroting daartoe ontoereikend is. 

Een verzoek van een werknemer die zijn werktijden wil wijzigen mag u afwijzen als dit leidt tot ernstige problemen:

  • op het gebied van de veiligheid; 
  • van roostertechnische aard; 
  • van financiële of organisatorische aard. 

Afwijzen verzoek om thuis te werken

Voor het afwijzen van een verzoek om op een andere plaats - bijvoorbeeld thuis - te werken, heeft u geen zwaarwegend bedrijfsbelang nodig. Wel moet u dit verzoek serieus overwegen en hierover in overleg met de werknemer. Let er op dat u uiterlijk een maand vóór de gewenste ingangsdatum van het verzoek aan de werknemer moet laten weten welke beslissing u neemt. Doet u dit niet, dan worden de arbeidsduur, de werkplaats of de werktijden aangepast conform de wensen van de werknemer. 

Inloggen


Lid worden?

Personen actief in de Nederlandse afbouw krijgen veel voordelen als lid van NOA.


Lees de voordelen en word lid