NOA Menu

NOA Kenniscentrum

Gééf je leiding of bén je een leider?

door: Armand Landman
| Management

JM Leiderschap

Twee à drie keer per jaar komen de leden van NOA Jong Management bij elkaar. Om (van elkaar) te leren, om te netwerken, om eens ouderwets bij te praten of gewoon om lekker te tafelen. Eind maart zochten ruim 20 leden onder de 45 jaar elkaar op in Veenendaal. Ze kregen er uitgebreid inzicht in het type leider dat ze zijn of misschien wel zouden moeten zijn.  

Geef je leiding of bén je een (natuurlijk) leider? Dat was de belangrijkste vraag tijdens de leerzame bijeenkomst van NOA Jong Management. Ruim 20 NOA-leden - niet ouder dan maximaal 45 jaar - kregen in de prachtig gedecoreerde Stijlkamer twee uur les over soorten leiderschap van ervaren trainer Victor van der Sanden. Die hield zijn gehoor voor dat er een belangrijk verschil zit tussen verschillende typen leiders. En dat echte leiders bepaalde kwaliteiten van nature hebben, maar dat leiding geven prima aan te leren is. 

Verschillende typen leiders

“Iedereen zal de volgende typen van leiderschap direct herkennen”, legt Van der Sanden uit. “Je hebt autoritaire leiders. Hun wil is wet. En als dat je niet bevalt dan is daar het gat van de deur. Aan de andere kant staan de democratische leiders. Die zoeken altijd overeenstemming. Wat er nog wel eens in wil resulteren dat beslissingen eindeloos op zich laten wachten. En dan zijn er ook nog wat ik noem de ‘laisser faire’-leiders. Die laten de zaken vooral lekker op hun beloop. In de hoop dat problemen zich vanzelf oplossen. Nu we door wetenschap veel meer weten van soorten leiderschappen en hun effectiviteit komt ‘situationeel’ leiderschap sterk opzetten. In feite wil dat niets anders zeggen dan dat een leidinggevende zijn stijl aanpast op de persoon aan wie hij of zij leiding geeft. Want ieder mens is anders en waar het bij de een wel werkt om die de hele dag achter de vodden te zitten, werkt dat bij een ander juist averechts.”  

Leiderschapstest

Van der Sanden deelt vervolgens vragenlijsten met 20 verschillende situaties uit. Bij iedere situatie moeten de jonge NOA managers aangeven hoe ze daar als leidinggevende op zouden reageren. “Goede of foute antwoorden bestaan niet. Deze test laat slechts zien wat voor type leider in jou de overhand heeft en aan welke leiderschapskwaliteiten je zou moeten werken,” legt Van der Sanden uit.” Zuchtend zet iedereen zich aan de test. “Als ik geweten had dat ik een examen moest doen was ik niet gekomen hoor”, mompelt iemand van boven zijn blaadjes.  

Sterke en zwakke punten

Twintig minuten later weet iedereen in de zaal waar zijn sterke en zwakke punten liggen en wat zijn persoonlijke stijl van leidinggeven is. Er zijn er die het liefst instrueren, anderen coachen hun medewerkers liever, weer anderen motiveren graag en er zijn er die graag delegeren. Iedereen heeft altijd een voorkeur en alles kan worden aangeleerd. “Maar waar het om gaat is”, doceert Van der Sanden, “is dat je weet welke stijl je waneer gebruikt. “Want net zoals er vier verschillende leiderschapsstijlen zijn, zijn er binnen het situationeel leidinggeven ook vier typen ondergeschikten. Zij die niet willen en niet kunnen, mensen die wel willen maar niet kunnen, medewerkers die niet willen maar wel kunnen en mensen die zowel willen als kunnen. Ieder type medewerker vraagt om een andere benadering. Een goede leider kent dus niet alleen zichzelf maar ook zijn ondergeschikten.” In de zaal worden de testuitslagen ondertussen druk met elkaar vergeleken. 

Voor Jong Management-voorzitter Raymond Janssen het sein om de leiding te nemen en iedereen de route naar het restaurant elders in Veenendaal uit te leggen. Eenmaal aan tafel bleef het nog lang onrustig.  

Inloggen


Lid worden?

Personen actief in de Nederlandse afbouw krijgen veel voordelen als lid van NOA.


Lees de voordelen en word lid